Sofosbuvir en pulmonale arteriële hypertensie?

PublicatieNr. 7 - 29 juli 2017
Jaargang51
RubriekLet op!
Pagina's66

Ons Franse zusterblad La Revue Prescrire bericht in zijn internationale editie over een ernstige bijwerking van het antivirale middel sofosbuvir (Sovaldi®). Het middel is geregistreerd, in combinatie met andere geneesmiddelen, voor de behandeling van hepatitis C. Het zou mogelijk even werkzaam zijn als de bestaande middelen, maar de behandeling duurt korter waardoor er in theorie minder bijwerkingen zouden voorkomen. Het is onduidelijk wat de gevolgen zijn op de lange termijn is en dat geldt ook voor de bijwerkingen (Gebu 2015; 49: 61 en Gebu 2015; 49: 135-142).

In het begin van 2015 rapporteerde de Franse registratieautoriteit dat zij zeven meldingen van pulmonale arteriële hypertensie (PAH) bij het gebruik van sofosbuvir had ontvangen.1 De patiënten gebruikten echter ook andere antivirale middelen, zoals daclatasvir (3 pat.), simeprevir (1 pat.), ribavirine (1 pat.), ledipasvir (1 pat.) en diverse antivirale middelen bij één patiënt.

In een artikel worden twee gevallen van nieuw ontstaan PAH beschreven en één van een verslechterende bestaande PAH bij Franse patiënten die sofosbuvir gebruikten.2 De symptomen waren syncope, rechterhartfalen en ernstige hemodynamische stoornissen. De patiënten hadden ook andere risicofactoren voor PAH, zoals portale hypertensie en infectie met het humane immunodeficiëntievirus.2

In een Frans derdelijnscentrum voor ernstige PAH werden 16 patiënten met PAH geïdentificeerd die waren behandeld met directwerkende antivirale middelen voor hepatitis C.3 13 patiënten waren bekend met PAH of hadden andere risicofactoren of een beloop van de PAH dat geen causaal verband met deze geneesmiddelen veronderstelde. Bij de andere drie patiënten was een causaal verband met de geneesmiddelen wel waarschijnlijk. Deze patiënten ontwikkelden PAH nadat zij waren begonnen met antivirale middelen en zij gebruikten allen sofosbuvir in combinatie met andere middelen. Bij één patiënt die geen portale hypertensie had, verdween de PAH zonder behandeling nadat de antivirale medicatie was gestaakt. Deze patiënt had negen maanden na het staken van de medicatie nog een normale pulmonale arteriële druk. De PAH van de twee andere patiënten verbeterde na behandeling en nadat de antivirale medicatie was gestaakt.3

Plaatsbepaling

Voor het verkrijgen van een handelsvergunning voor sofosbuvir heeft de fabrikant weinig onderzoek gedaan naar de bijwerkingen van het middel.4 Artsen en apothekers moeten aandacht besteden aan incidenten die tijdens een behandeling voorkomen en dienen deze ook te melden bij de bevoegde autoriteit. In de productinformatie van sofosbuvir bij de European Medicines Agency (EMA) is sinds augustus 2016 geen melding opgenomen van PAH.5 6 Werkers in de gezondheidszorg dienen van deze bijwerking op de hoogte te zijn, zodat zij zo nodig adequate maatregelen kunnen nemen.

Bij het Bijwerkingencentrum Lareb is tot heden geen melding van PAH bij het gebruik van sofosbuvir gedaan.

Literatuurreferenties

  1.  ANSM ’Réunion du comité technique de pharmacovigilance, compte rendu de la séance du 15 décembre 2015. Suivi national de pharmacovigilance des spécialités à base de sofosbuvir et daclatasvir. Sovaldi Harvoni Daklinza’. 9 Januari 2016: 18-21.
  2. Renard S, et al. Severe pulmonary arterial hypertension in patients treated for hepatitis C with sofosbuvir. Chest 2016; 149: 69-73.
  3. Savale L, et al. Direct-acting antiviral medications for hepatitis C virus infection and pulmonary arterial hypertension. Chest 2016; 150: 256-258.
  4. Prescrire Rédaction.Notice Harvoni® (sofosbuvir + lédipasvir): quasi-absence d’information sur les effets indésirables. Rev Prescrire 2016; 36: 223.
  5. Productinformatie sofosbuvir (Sovaldi®), via www.ema.europa.eu, EPAR’s (22 July 2016).
  6. Productinformatie sofosbuvir (Sovaldi®), via www.ema.europa.eu, EPAR’s (28 January 2016).