Vitaminen en antioxidanta bij de preventie van cardiovasculaire aandoeningen

PublicatieNr. 7 - 1 augustus 2013
Jaargang47
RubriekConsumentenproducten
Auteurdr D. Bijl
Pagina's85

Achtergrond. Uit observationeel onderzoek komen aanwijzingen dat het gebruik van groenten en fruit die rijk zijn aan diverse vitaminen en antioxidantia het risico op cardiovasculaire aandoeningen vermindert.1 Uit gerandomiseerd onderzoek en meta-analysen daarvan komen echter tegenstrijdige uitkomsten over de werkzaamheid van suppletie van vitaminen en antioxidantia bij cardiovasculaire aandoeningen (Gebu 2013; 47: 8-9). Veel onderzoek is verricht naar afzonderlijke vitaminen en antioxidantia terwijl veelal geen rekening is gehouden met vertekenende factoren. Onderzoekers wilden derhalve een meta-analyse verrichten waarin de invloed van dergelijke factoren ook werd onderzocht.2
Methode. Zij verrichtten een meta-analyse van gerandomiseerde onderzoeken naar de werkzaamheid van vitaminen- en antioxidantiasuppletie bij cardiovasculaire aandoeningen waarbij in subgroepanalysen de invloed van belangrijke factoren, zoals type preventie (primair of secundair), methodologische kwaliteit van de onderzoeken, soort en dosering vitamine en antioxidant, type cardiovasculaire uitkomstmaat, behandelduur, sponsor, leverancier van de supplementen, soort controlebehandeling, aantal deelnemers en exacte samenstelling van de supplementen, werd onderzocht.2 De analyse van de gegevens vond plaats met een intention-to-treatanalyse. Afhankelijk van de mate van heterogeniteit werd een analyse met een ’fixed effects’- of een ’random effects’-methode verricht (Gebu 2012; 46: 85-92).
Resultaat. Er werden 50 gerandomiseerde (waarvan 45 dubbelblind) onderzoeken met in totaal 294.478 deelnemers opgenomen in de analyse. De gemiddelde leeftijd van de deelnemers liep uiteen van 49 tot 82 jaar. De onderzoeken waren gepubliceerd in de periode tussen 1989 en 2012. 30 van de 50 onderzoeken waren primaire preventieonderzoeken. In 39 onderzoeken werden alleen vitaminesupplementen onderzocht en in 22 alleen antioxidantia. Aanvullend werden gebruikt calcium al dan niet met hormonale suppletietherapie, acetylsalicylzuur (merkloos, Aspirine®), zink, een ACE-remmer, multivitaminen en mineralen en omega-3-vetzuren (in diverse zelfzorgmiddelen). Vijf onderzoeken werden gefinancierd door farmaceutische bedrijven. De vervolgduur van de onderzoeken liep uiteen van zes maanden tot 12 jaar. De cardiovasculaire uitkomstmaten betroffen fataal of niet-fataal myocardinfarct, instabiele angina pectoris, coronaire hartziekte, ischemische hartziekte, belangrijke coronaire incidenten, overlijden door cardiovasculaire aandoeningen, plotse dood, TIA en CVA, en cardiovasculaire aandoeningen.
De resultaten geanalyseerd volgens een fixed effects-methode (Gebu 2012; 46: 85-92) toonden dat het gebruik van supplementen van vitaminen en antioxidantia niet is geassocieerd met een vermindering van het risico op belangrijke cardiovasculaire incidenten. In vrijwel alle subgroepen werd geen effect gevonden van suppletie. In de subgroepanalyse volgens het type cardiovasculaire uitkomstmaat, bleek suppletie geassocieerd te zijn met een marginaal verhoogd risico op angina pectoris, terwijl laaggedoseerde vitamine B6-suppletie was geassocieerd met een gering verminderd risico op belangrijke cardiovasculaire incidenten. Deze positieve effecten waren echter niet meer aantoonbaar als de analyse werd beperkt tot onderzoeken van hoge kwaliteit.
Conclusie onderzoekers. Er is geen bewijs dat het gebruik van supplementen met vitaminen en antioxidanten ter preventie van cardiovasculaire aandoeningen ondersteunt.

Plaatsbepaling

De resultaten van deze meta-analyse tonen dat het wijdverspreide gebruik van supplementen met vitaminen en antioxidantia niet is geassocieerd met een reductie in het voorkomen van cardiovasculaire aandoeningen. In de discussieparagraaf van het artikel geven de auteurs enkele beperkingen van hun onderzoek aan. Zo zou het tijdstip van toediening van belang kunnen zijn voor de werking van de supplementen en bij deze oudere groep deelnemers geen effect op atherosclerose kunnen hebben. Ook zou het gebruik van vitaminen en antioxidantia in gerandomiseerd onderzoek niet-equivalent zijn aan het gebruik van groenten en fruit in observationeel onderzoek.
De auteurs sluiten af met de constatering dat in meta-analysen is gevonden dat antioxidantia zijn geassocieerd met een verhoogd risico op overlijden en een verhoogd risico op kanker.3 4 In de meeste landen mag de farmaceutische en voedingsmiddelenindustrie dergelijke producten in de handel brengen en veel mensen gebruiken vitaminen en antioxidantia in de overtuiging dat zij hiermee hun gezondheid bevorderen. Gegeven de uitkomsten van diverse meta-analysen in de afgelopen jaren, waarin een negatief effect van suppletie werd gevonden, zouden overheden en registratieautoriteiten vitaminen en antioxidantia moeten beschouwen als medicinale producten en hun werkzaamheid en bijwerkingen op dezelfde wijze moeten evalueren als zij met geneesmiddelen doen alvorens handelsvergunningen af te geven.


Literatuurreferenties

1. Dauchet L, et al. Fruits, vegetables and coronary heart disease. Nat Rev Cardiol 2009; 6: 599-608.
2. Myung S-K, et al. Efficacy of vitamin and antioxidant supplements in prevention of cardiovascular disease: systematic review and meta-analysis of randomised controlled trials. BMJ 2013; 346: f10.
3. Bjelakovic G, et al. Mortality in randomised trials of antioxidant supplements for primary and secondary prevention: systematic review and meta-analysis. JAMA 2007; 297: 842-857. 4. Myung S-K, et al. Effects of antioxidant supplements on cancer prevention: meta-analysis of randomized controlled trials. Ann Oncol 2010; 21: 166-179.